Het korte antwoord
Gewicht is het eerste getal waar bijna iedereen op let bij het kiezen van een racket, en tegelijk het getal dat het minst zegt zonder het tweede getal ernaast. Dat tweede getal is het balanspunt: de plek in het racket waar het gewicht zit. Twee rackets die allebei 365 gram wegen kunnen in de zwaai totaal anders aanvoelen, en dat verschil is groter dan het verschil tussen 360 en 370 gram.
Op deze pagina lees je eerst wat een padelracket normaal gesproken weegt en waarom het opgegeven gewicht altijd een schatting is. Daarna leggen wij uit wat het balanspunt precies is, hoe je het leest en waarom het bepaalt hoe zwaar een racket voelt. Vervolgens koppelen wij gewichtsklassen aan spelerstypen, kijken wij naar de gevolgen voor je elleboog en schouder, en behandelen wij hoe je het gewicht van je eigen racket kunt bijsturen met een overgrip of loodtape.
Wil je liever meteen advies zonder de theorie, doe dan de keuzehulp. Ben je net begonnen, dan staat het volledige verhaal met concrete modellen in onze beginnersgids. En hoort het gewicht bij een bepaalde bladvorm, kijk dan ook even naar de vorm van het blad, want die twee kun je niet los van elkaar zien.
Wat weegt een padelracket eigenlijk?
Vrijwel elk padelracket dat je in een Nederlandse winkel tegenkomt weegt tussen de 330 en 390 gram, kaal gewogen en zonder overgrip of beschermrand. Onder de 330 gram vind je vooral kinder- en jeugdrackets, en boven de 390 gram kom je in de praktijk nauwelijks iets tegen omdat er simpelweg geen markt voor is. Het grootste deel van het aanbod zit in een veel smallere band: tussen de 355 en 375 gram.
Dat lijkt een klein bereik, en dat is het ook. Het verschil tussen het lichtste en het zwaarste racket in de winkel is nog geen zestig gram, ongeveer het gewicht van een halve mandarijn. Toch merk je dat op de baan wel degelijk, omdat je dat gewicht in een wedstrijd honderden keren versnelt en weer afremt, vaak met je arm gestrekt en vaak in een ongemakkelijke houding.
Het opgegeven gewicht is een marge. Dit is het punt dat de meeste mensen verrast. Een padelracket wordt met de hand opgebouwd uit schuim, carbonvellen en lijm, en dat proces is niet op de gram nauwkeurig. Fabrikanten geven daarom bijna altijd een bereik op in plaats van één getal. Op de productpagina van de Nox ML10 Pro Cup staat bijvoorbeeld 355 tot 365 gram, en Bullpadel geeft voor de Vertex 04 een bereik van 365 tot 375 gram op. Waar wel één getal staat, zoals de 365 gram van de Babolat Technical Viper of de 370 gram van de Head Speed Pro, moet je daar in gedachten nog een speling van ongeveer tien gram omheen zetten.
Praktisch betekent dit dat twee exemplaren van hetzelfde model tot tien gram kunnen schelen. Koop je in een winkel waar meerdere exemplaren liggen, dan mag je gerust vragen of je ze even mag voelen. Bestel je online, dan is dat geen ramp: tien gram op 365 gram is minder dan drie procent en de meeste spelers wennen daar binnen een paar sessies aan. Het is alleen goed om te weten waarom je nieuwe racket net iets anders voelt dan dat van je maat, terwijl er hetzelfde op staat.
Nog een detail dat vaak vergeten wordt: het gewicht op de sticker is het gewicht van het kale racket. Wat je uiteindelijk in je hand houdt is zwaarder. Een overgrip komt er nog bij, een beschermrand ook, en zelfs het zweet en het zand dat in de grip trekt telt mee. Reken op vijf tot vijftien gram extra ten opzichte van wat er in de webshop staat.
De buitenmaten liggen wel vast. Volgens de reglementen van de internationale padelfederatie mag een racket maximaal 45,5 centimeter lang, 26 centimeter breed en 38 millimeter dik zijn, en moet er een koord aan zitten dat je om je pols draagt. Voor het gewicht schrijft het reglement niets voor, dus daar zijn fabrikanten volledig vrij in.
Het balanspunt: waar het gewicht zit
Balans is waar het gewicht in het racket zit, en het wordt uitgedrukt in millimeters vanaf de onderkant van het handvat. Leg je het racket op een dunne staaf of op de rand van je hand en schuif je net zolang tot het in evenwicht ligt, dan is de afstand van het uiteinde van de greep tot dat punt het balanspunt. Bij padelrackets ligt dat getal vrijwel altijd tussen de 250 en 275 millimeter.
Een hoog getal betekent kopzwaar. Zit het balanspunt op 270 millimeter of hoger, dan ligt het zwaartepunt ver van je hand af, richting de kop van het blad. Zo'n racket trekt in de zwaai aan je arm, geeft meer massa achter de bal en dus meer kracht, maar komt trager terug en vraagt meer van je schouder. De Head Speed Pro is daar een goed voorbeeld van: 370 gram met een balanspunt van 270 millimeter, een druppelvorm die duidelijk richting aanval leunt.
Een laag getal betekent handvatzwaar. Zit het balanspunt rond de 255 millimeter of lager, dan ligt het zwaartepunt dicht bij je hand. Het racket voelt wendbaar, je krijgt hem sneller bij de bal en je hebt meer controle aan het net. Je levert er kracht mee in, vooral bij de smash. Ronde controlerackets zitten bijna allemaal in deze hoek. Bij de Bullpadel Vertex 04, met een balanspunt van ongeveer 260 millimeter, zit je precies in het midden, ondanks de diamantvorm van het blad.
Waar het interessant wordt, is als je die twee getallen combineert. Wat je op de baan voelt is namelijk niet het gewicht op de weegschaal maar het zwaaigewicht: de moeite die het kost om het racket in beweging te krijgen en weer stil te zetten. Hoe verder de massa van je hand af zit, hoe groter dat effect. Vijf gram extra in de kop voel je duidelijk, vijf gram extra in de greep voel je nauwelijks.
Daarom kan een racket van 360 gram met een hoog balanspunt in de derde set zwaarder aanvoelen dan een racket van 375 gram met een laag balanspunt. Als iemand zegt dat een racket "zwaar in de hand ligt" of juist "lekker licht speelt", gaat dat vrijwel altijd over balans en niet over grammen. Het is precies het punt waarop online reviews en het cijfer op de sticker uit elkaar lopen.
De vuistregel die daaruit volgt is eenvoudig: hoe kopzwaarder het racket, hoe lichter je het totaalgewicht wilt houden. Speel je een kopzware diamant, blijf dan aan de onderkant van je gewichtsklasse. Speel je een rond racket met een lage balans, dan kun je een paar gram meer hebben zonder dat je arm het merkt, en dat extra gewicht geeft je juist stabiliteit tegen harde ballen. Welke bladvorm welk balansgedrag geeft, leggen wij uit op onze pagina over rond, druppel en diamant.
Let er tot slot op dat niet elke fabrikant het balanspunt vermeldt. Adidas bijvoorbeeld geeft bij de Metalbone 3.4 wel een gewicht op, 345 tot 360 gram, maar geen balans in millimeters, terwijl het racket door zijn diamantvorm en kopverzwaring uitgesproken kopzwaar is. Staat er geen getal, kijk dan naar de vorm en naar wat testers erover schrijven. Een overzicht van welke merken welke lijnen voeren vind je in ons merkenoverzicht.
Gewichtsklassen en welke bij jou past
Hieronder staan de gewichtsklassen op een rij. Lees ze als richtlijn en niet als wet, want je lengte, je kracht en vooral hoe vaak je speelt wegen zwaarder dan een getal in een tabel. Het uitgangspunt is simpel: kies het lichtste racket waarmee je nog stabiliteit hebt tegen een harde bal.
| Gewicht | Hoe het voelt | Voor wie | Let op |
|---|---|---|---|
| 330 tot 350 gram | Zeer wendbaar, snel bij de bal, weinig massa achter de slag | Jeugd, lichte spelers en iedereen met arm- of schouderklachten | Wordt bij harde ballen uit je hand geslagen, weinig kracht bij de smash |
| 350 tot 365 gram | Licht en comfortabel, makkelijk te sturen aan het net | Dames, beginnende spelers en controlespelers | Bij een kopzware vorm kan dit toch zwaar aanvoelen in de zwaai |
| 365 tot 375 gram | Stabiel zonder log te zijn, de gulden middenweg | De meeste heren en gevorderde clubspelers | Combineer dit alleen met een hoge balans als je vaak speelt |
| 375 tot 385 gram | Massief, veel kracht bij de smash, traag terug | Krachtige spelers die het net opzoeken en aanvallen | Belast je elleboog en schouder merkbaar meer, zeker met een kopzware vorm |
| Boven 385 gram | Zwaar in elke slag, ook in de verdediging | Zeldzaam, vrijwel alleen op maat verzwaarde rackets | Nauwelijks te vinden in de winkel en voor recreanten af te raden |
Dames en lichtere spelers. Tussen de 350 en 365 gram zit voor deze groep de sterkste combinatie van controle en comfort. Veel merken maken een damesuitvoering van hun populaire modellen, vaak met een paar gram minder en een iets lager balanspunt, zodat het racket sneller bij de bal is. Dat is geen kleurtje maar een echte aanpassing. Meer daarover lees je bij padelrackets voor dames.
De meeste heren. Tussen de 365 en 375 gram vind je verreweg het grootste deel van het aanbod, en met reden. Je hebt genoeg massa om een harde bal op te vangen zonder dat het racket in je hand draait, en nog niet zoveel dat je arm het na anderhalf uur begint te voelen. Speel je een of twee keer per week, dan is dit je band. In de top 6 van 2026 zitten verschillende modellen uit precies deze klasse.
Krachtspelers. Boven de 375 gram kom je in het gebied waar je echt iets terugkrijgt aan klap, maar waar de rekening ook hoger wordt. Dit werkt alleen als je goed traint, consequent in het midden van het blad raakt en je slag vanuit je lichaam maakt in plaats van vanuit je pols. Vraag jezelf eerlijk af of dat op jou slaat. Zo niet, dan lever je snelheid in bij de verdediging zonder er in de aanval genoeg voor terug te krijgen.
En de kern telt ook mee. Een zacht racket veert langer mee met de bal en voelt daardoor comfortabeler, ook als het wat zwaarder is. Een harde kern is directer maar geeft meer schok door naar je arm. Voor het complete plaatje van gewicht, balans en hardheid is onze uitleg over EVA of foam het derde stuk van de puzzel.
Gewicht, elleboog en schouder
Padel is een toegankelijke sport, maar het aantal blessures groeit gewoon mee met het aantal spelers. De klachten die met materiaal te maken hebben zitten bijna allemaal in de arm: de elleboog, de pols en de schouder. Achtergrond en cijfers over sportblessures in Nederland vind je bij VeiligheidNL, en de padelspecifieke klachten zetten wij op een rij bij padelblessures.
Gewicht speelt daarin een echte, maar begrensde rol. Elke keer dat je de bal niet precies in het midden van het blad raakt, draait het racket een klein stukje in je hand en gaat er een trilling door de steel naar je onderarm. Die draaiing vangen de spieren op die aan de buitenkant van je elleboog vastzitten. Hoe zwaarder en vooral hoe kopzwaarder het racket, hoe groter dat rukje. Doe je dat een paar honderd keer per week, dan raken die pezen overbelast en heb je te maken met wat in de volksmond een tenniselleboog heet.
Bij de schouder werkt het net iets anders. Daar is niet de trilling het probleem maar het herhaald boven je hoofd versnellen van massa. Een smash met een kopzwaar racket van 380 gram belast je schouderkapsel duidelijk meer dan dezelfde smash met een licht, handvatzwaar racket. Speel je veel bandeja's en smashes, dan is dat een reden om aan de lichte kant te blijven.
Heb je nu klachten, dan is dit de volgorde die in de praktijk het beste werkt. Eerst rust en een keer met een trainer naar je slag laten kijken, want techniek weegt zwaarder dan materiaal. Dan je greep aanpakken: een greep die te dun is dwingt je om harder te knijpen, en dat verhoogt de spanning in je onderarm direct. Wat je daaraan doet staat op onze pagina over grips. Pas daarna ga je aan je racket sleutelen, richting lichter, ronder en zachter.
Twee kleine dingen die vaak vergeten worden en die meteen schelen: oude, uitgespeelde ballen komen harder aan op je arm dan verse, en spelen met een koude arm in een onverwarmde hal vraagt om problemen. Beide zijn goedkoper op te lossen dan een nieuw racket. En het polskoord waar de internationale spelregels om vragen is niet voor niets verplicht: een racket dat uit je hand schiet, doet ook op de baan naast je schade.
Overgrip, loodtape en zelf verzwaren
Het mooie aan gewicht en balans is dat je ze zelf kunt bijsturen, ook nadat je het racket gekocht hebt. Dat is bij vorm en kernhardheid niet zo. Er zijn drie manieren, van eenvoudig naar precies.
1. De overgrip. Dit is de eenvoudigste en de meest onderschatte. Een overgrip weegt vijf tot tien gram en zit helemaal onderaan in het handvat. Het totaalgewicht gaat dus omhoog, maar het balanspunt gaat juist omlaag, want je voegt massa toe aan de kant van je hand. Het effect is dat het racket in de zwaai lichter en wendbaarder aanvoelt terwijl hij op de weegschaal zwaarder is. Speel je met twee overgrips over elkaar, wat veel spelers met grote handen doen, dan verschuif je je balanspunt al gauw drie tot vijf millimeter naar beneden. Alles over dikte, materiaal en wanneer je vervangt lees je bij grip en overgrip.
2. Loodtape. Zelfklevend loodtape koop je op rol en knip je op maat. Plak je het bovenin het frame, dan maak je het racket kopzwaarder en krijg je meer kracht bij de smash. Plak je het onder in de greep of onder de grip, dan verlaag je het balanspunt en wordt het racket wendbaarder. Op de zijkanten van het blad ter hoogte van het trefvlak plakken maakt het racket stabieler tegen draaien bij een mistreffer, zonder dat het balanspunt veel verschuift.
Werk daarbij in kleine stappen. Twee gram is al een merkbaar verschil als het hoog in de kop zit, vijf gram is veel. Plak het symmetrisch aan beide kanten van het frame, anders trekt het racket scheef bij de slag. En houd er rekening mee dat lood dat aan de buitenkant zit los kan raken tegen het glas of tegen de baanrand, dus werk het af met een strook beschermtape.
3. Een verstelbaar systeem van de fabrikant. Sommige topmodellen hebben ingebouwde gewichtjes die je kunt verplaatsen of weghalen. Adidas doet dat bij de Metalbone-lijn met een weight and balance system, waarbij het opgegeven basisgewicht van 345 tot 360 gram nog exclusief die losse gewichtjes is. Zo kun je hetzelfde racket in twee behoorlijk verschillende karakters spelen. Het scheelt je het geknip met tape, maar je betaalt er wel voor: dit zijn rackets uit het topsegment die nieuw ruim boven de tweehonderd euro liggen.
Verzwaren doe je met een doel. Zwaarder is niet beter. Voeg alleen gewicht toe als je een concreet probleem oplost: het racket wordt uit je hand geslagen bij harde ballen, of je mist massa bij de smash. Voelt het racket goed, laat het dan met rust. En doe altijd één aanpassing tegelijk, anders weet je achteraf niet wat het verschil maakte.
Wat kost een lichter racket je?
Blijft de vraag die veel spelers tegenhoudt: wat lever je nu eigenlijk in met een lichter racket? Het eerlijke antwoord is dat je iets inlevert, maar minder dan je denkt, en dat je er iets voor terugkrijgt dat voor de meeste recreanten meer waard is.
Wat je inlevert is massa achter de bal. Bij een smash of een harde volley telt het gewicht mee in de klap, dus een lichter racket geeft daar minder snelheid. Datzelfde geldt bij een verdedigende bal diep uit de hoek: met minder massa moet je zelf meer versnellen om de bal over het net te krijgen. Ook is een licht racket iets instabieler tegen een harde inkomende bal, omdat er minder massa is om die klap op te vangen. Bij een mistreffer aan de rand van het blad merk je dat als een racket dat in je hand draait.
Wat je ervoor terugkrijgt is snelheid en marge. Padel wordt op recreatief niveau maar voor een klein deel beslist door harde ballen. Verreweg de meeste punten vallen doordat iemand een bal niet meer bereikt, hem verkeerd inschat na een stuit tegen het glas, of hem in het net slaat. Precies daar helpt een licht racket: je bent sneller bij de bal, je kunt later nog corrigeren en je maakt aan het net minder fouten. Bovendien houd je in het derde kwartier van een partij je slag beter vast, en dat scheelt vaak meer punten dan tien kilometer per uur extra op je smash.
Daar komt bij dat kracht in padel toch al minder uit je materiaal komt dan veel mensen verwachten. Een padelblad heeft geen snaren die energie teruggeven, alleen een schuimkern die meeveert. Kom je uit het tennis, dan is dat wennen, en dat is precies waarom tennissers vaak te zwaar en te kopzwaar kopen om dat gat te dichten. Wij leggen dat verschil uit bij padelracket versus tennisracket.
Onze conclusie is daarom weinig genuanceerd: voor de meeste recreanten is het lichtere racket de betere keuze. Je speelt er langer mee zonder klachten, je leert er sneller mee en je verliest er minder punten mee dan met een racket dat te veel van je arm vraagt. Groei je eroverheen, dan verkoop je hem door. Een racket gaat bij twee keer spelen per week ongeveer twee tot drie jaar mee, dus je zit er niet aan vast.
Waar let je op bij het kopen?
Vrijwel elke Nederlandse webshop laat je filteren op gewicht, en de betere shops vermelden ook het balanspunt in millimeters. Kijk altijd naar beide getallen en niet naar één ervan. Staat er alleen een gewicht, kijk dan naar de bladvorm om in te schatten waar de massa zit. Kun je het racket vasthouden voordat je koopt, doe dat dan: pak hem bij de greep, zwaai hem een paar keer rustig heen en weer en voel of de kop aan je arm trekt. Die test van tien seconden zegt meer dan elke specificatie. De zoekpagina's hieronder zijn affiliatelinks, dus koop je er iets, dan ontvangen wij mogelijk een kleine vergoeding van de winkel en betaal jij niets extra.
Veelgestelde vragen
Verder lezen
Gewicht en balans zijn samen één van de drie knoppen waar je aan draait bij het kiezen van een racket. De andere twee zijn de vorm van het blad en de hardheid van de kern. Deze pagina's brengen je verder.
De andere twee knoppen: de vorm van het blad bepaalt waar je trefvlak ligt, en het verschil tussen EVA of foam bepaalt hoe hard het racket aanvoelt.
Een racket kiezen: begin bij de beginnersgids als je net start, bekijk de top 6 van 2026 als je al weet wat je zoekt, of doe de keuzehulp voor advies op maat.
Merken naast elkaar: het merkenoverzicht zet ze op een rij, met aparte pagina's over Head, Babolat, Nox, Adidas en Bullpadel. Ieder merk kiest andere gewichten en balanspunten.
Speciaal voor dames: welke modellen lichter en handvatzwaarder zijn uitgevoerd, lees je bij padelrackets voor dames.
Kleine dingen met groot effect: de grip en overgrip verandert je gewicht en je balans voor een paar euro.
Kom je uit het tennis: padelracket versus tennisracket legt uit waarom kracht zonder snaren anders werkt.
Blijf heel: welke klachten padelspelers krijgen en wat je eraan doet, staat bij padelblessures.
