Padelracket vs tennisracket: dit is het verschil

Het korte antwoord
Ze hangen in dezelfde winkel, je slaat er allebei een gele bal mee en de telling is hetzelfde. Toch zijn een padelracket en een tennisracket voor totaal verschillende spellen gebouwd, en het verschil zit dieper dan alleen de vorm. Vrijwel alles aan een padelracket volgt uit één gegeven: de baan is kleiner en er staan wanden omheen.
Op deze pagina zetten wij de officiële afmetingen naast elkaar, leggen wij uit waarom een padelracket geen snaren heeft, wat je als tennisser precies gaat merken en welke gewoontes je moet afleren. De cijfers komen uit het officiële padelreglement van de internationale padelfederatie en uit de Rules of Tennis, allebei de versie die nu geldt.
Wil je meteen weten welk padelracket bij je past, doe dan de keuzehulp. Ken je de sport nog niet, begin dan bij de padelregels.
De verschillen naast elkaar
Dit is het hele verhaal in één tabel. De maten zijn de officiële grenzen uit beide reglementen, de gewichten zijn wat je in de winkel tegenkomt, want geen van beide sporten schrijft een gewicht voor.
| Padelracket | Tennisracket | |
|---|---|---|
| Slagvlak | Massief blad met gaten, geen snaren | Gespannen snarenpatroon |
| Maximale lengte | 45,5 cm, blad en handvat samen | 73,7 cm |
| Maximale breedte | 26 cm | 31,7 cm |
| Maximale dikte | 38 mm | Niet voorgeschreven, in de praktijk 2 tot 3 cm |
| Gaten in het blad | 9 tot 13 mm, aan de rand tot 20 mm | Geen |
| Gewicht in de praktijk | 340 tot 370 gram | 280 tot 320 gram |
| Polskoord | Verplicht, maximaal 35 cm, niet elastisch | Niet aanwezig |
| Opbouw | Schuimkern met carbon of glasvezel eromheen | Hol frame van grafiet met composiet |
| Handvat | Maximaal 20 cm lang | Ongeveer 20 cm, met maatvoering L0 tot L5 |
| Onderhoud | Geen bespanning, alleen een grips en overgrips | Snaren twee tot vier keer per jaar vervangen |
De twee getallen die het meest opvallen zijn de lengte en het gewicht. Een padelracket is bijna dertig centimeter korter en tegelijk zo'n honderd gram zwaarder. Dat lijkt tegenstrijdig, tot je bedenkt dat al dat gewicht in een veel kleiner blad zit dat je vlak bij je lichaam beweegt. Je zwaait niet, je stuurt.
Nog een detail dat vrijwel niemand kent: de gaten in het blad zijn aan banden gelegd. In het midden moeten ze 9 tot 13 millimeter zijn, en alleen in een randje van maximaal vier centimeter mogen ze groter of anders van vorm zijn, tot twintig millimeter. Een fabrikant kan dus niet zomaar een blad vol grote gaten maken om gewicht te besparen.
Waarom een padelracket geen snaren heeft
Dit is de vraag die iedere tennisser als eerste stelt, en het antwoord verklaart meteen waarom de sport zo anders speelt.
Snaren zijn een trampoline. Een bespannen racket vervormt bij de klap, slaat de energie tijdelijk op in de snaren en geeft die terug aan de bal. Dat levert veel snelheid met weinig moeite, maar ook een langere en minder voorspelbare uitstoot. Op een tennisbaan van bijna 24 meter lang is dat precies wat je wilt.
Een padelblad is een muur. De schuimkern vervormt maar heel even en geeft de bal veel korter mee. Je krijgt minder gratis snelheid en veel meer controle over waar de bal heen gaat. Op een baan van twintig meter met wanden eromheen is dat wat je nodig hebt, want vrijwel elk punt eindigt met een precieze bal en niet met een harde.
Waarom de gaten er zitten. Ze doen twee dingen tegelijk. Ze halen gewicht uit het blad, en ze verlagen de luchtweerstand zodat je het racket sneller door de lucht kunt bewegen. Dat laatste is bij padel belangrijker dan bij tennis, omdat je aan het net vaak minder dan een halve seconde hebt om te reageren. Bij sommige rackets beïnvloedt de plaatsing van de gaten ook hoe het blad doorbuigt, en daarmee hoe zacht het aanvoelt.
En de schuimkern zelf. Zachter schuim, meestal EVA soft of FOAM, geeft meer demping en vergeeft meer bij een slag buiten het midden. Harder schuim geeft meer snelheid en een directer gevoel, maar straft mistiming af. Dat is de belangrijkste keuze bij het kopen van een padelracket, en wij leggen hem uitgebreid uit in de beginnersgids.
Praktisch gevolg: je hoeft een padelracket nooit te laten bespannen. Dat scheelt je als tennisser al gauw vijftig tot honderd euro per jaar. Wat je wel regelmatig vervangt, is je overgrip, en dat kost ongeveer twee euro per stuk. Meer daarover bij grips en overgrips.
De baan bepaalt het racket
Het racket is niet zomaar anders. Het is een direct gevolg van de baan waarop je speelt, en die verschilt op elk punt van een tennisbaan.
| Padel | Tennis (dubbel) | |
|---|---|---|
| Afmeting | 10 bij 20 meter | 10,97 bij 23,77 meter |
| Oppervlak | 200 m² | Ongeveer 261 m² |
| Wanden | Glas en hekwerk, de bal blijft in het spel | Geen, de bal is uit |
| Nethoogte midden | 0,88 meter | 0,914 meter |
| Nethoogte zijkant | 0,92 meter | 1,07 meter bij de palen |
| Service | Onderhands, na een stuit, op of onder heuphoogte | Bovenhands, uit de lucht |
| Balspanning | Lager, ongeveer 10 tot 11 psi | Hoger, ongeveer 12 tot 14 psi |
| Bespeling | Altijd dubbel | Enkel of dubbel |
Kijk naar de eerste twee regels en je snapt de lengte van het racket. Een padelbaan is ruim twintig procent kleiner dan een tennisbaan voor dubbel, en er staan altijd vier mensen in. Er is domweg geen ruimte voor een lange zwaai, en een langer racket zou je bij de wanden alleen maar in de weg zitten.
Kijk naar de derde regel en je snapt het gewicht. Omdat de wanden de bal terugsturen, is een punt bij padel bijna nooit met één slag klaar. Rally's zijn langer, ballen komen vaker en harder terug, en je racket moet die klappen kunnen absorberen zonder in je hand te draaien. Een zwaarder, massief blad doet dat beter dan een licht, hol frame.
Ook de bal speelt mee. Een padelbal is iets kleiner en heeft een lagere druk dan een tennisbal, waardoor hij minder ver doorschiet en langer in de rally blijft. De precieze verschillen staan op onze pagina over padelballen. De volledige spelregels, inclusief wat er met het glas mag, vind je bij de padelregels.
Wat je merkt als je uit het tennis komt
Als je uit het tennis komt, ga je in je eerste padelwedstrijd vier dingen merken. Ze komen bij vrijwel iedereen in dezelfde volgorde.
1. De bal komt te snel. Je bent gewend dat een bal die de achterlijn passeert weg is. Hier komt hij terug van het glas, vaak recht op je af. In het begin sta je bij elke bal een halve seconde te laat, en dat lost zich vanzelf op zodra je gaat anticiperen in plaats van reageren.
2. Je slaat alles uit. Een tennisslag heeft een grote zwaai en veel racketkopsnelheid. Met een massief blad en een lagedrukbal is dat te veel van het goede. De bal vliegt over de kooi of knalt tegen het glas van de tegenstander zonder eerst te stuiten, en dat laatste is direct een punt tegen.
3. Je pols doet mee. Padel leunt veel sterker op polsactie dan tennis, vooral bij de bandeja en de vibora. Tennissers houden hun pols juist stabiel. Dit is de technische omslag die het langst duurt, en ook de reden dat een verse grips en overgrips bij padel meer uitmaakt dan je gewend bent.
4. Je arm is anders moe. Zwaarder racket, kortere hefboom, geen snaren die trilling opvangen. De belasting verschuift van je schouder naar je onderarm en pols. VeiligheidNL noemt overbelasting van de onderarm een van de meest voorkomende racketsportklachten, dus bouw de eerste weken rustig op en let op je gripdikte.
Het goede nieuws: je service, je timing en je balgevoel neem je gewoon mee. Tennissers hebben op de meeste padelbanen binnen een paar weken een duidelijke voorsprong op mensen die nog nooit een racket vasthielden. Alleen die eerste avond voelt raar.
Kun je ze omwisselen?
Het korte antwoord is nee, en niet alleen omdat het reglement het verbiedt. Het werkt gewoon niet.
Tennisracket op de padelbaan. Hij is bijna dertig centimeter te lang, wat bij de glaswanden meteen een probleem is: je kunt een bal die langs het glas afrolt niet meer ophalen zonder tegen de wand te stoten. De snaren geven de bal veel te veel mee, dus alles vliegt de kooi uit. En er zit geen polskoord aan, waardoor je bij een officiële wedstrijd de baan niet op mag. Een enkele slag lukt, een punt spelen niet.
Padelracket op de tennisbaan. Hier is het nog duidelijker. Je mist bereik, je mist de trampolinewerking van de snaren en je racket is te zwaar om er lang mee te zwaaien. De bal komt niet verder dan halverwege de baan en elke slag voelt dood. Serveren gaat helemaal niet.
Speel je beide sporten, dan heb je dus echt twee rackets nodig. Het goede nieuws is dat een padelracket geen bespanning kost en dus na aanschaf goedkoper in onderhoud is. Wat wel meeverhuist tussen de twee sporten: je tas, je grips en met wat geluk je schoenen, al is dat laatste maar deels waar. Padelbanen liggen op kunstgras met zand, en daar wil je een andere zool dan op gravel of hardcourt. Meer daarover bij padelschoenen.
| Wat je uit het tennis meeneemt | Werkt het? |
|---|---|
| Je racket | Nee |
| Je ballen | Nee, te hoge druk en net te groot |
| Je schoenen | Deels, alleen als je een zool voor kunstgras hebt |
| Je grips en overgrips | Ja, precies dezelfde |
| Je tas en je kleding | Ja |
| Je timing en balgevoel | Ja, en dat is je grootste voordeel |
Welk padelracket past bij een tennisser
Tennissers kiezen bij hun eerste padelracket vaak verkeerd, en meestal op dezelfde manier: ze pakken iets zwaars en hards omdat ze gewend zijn aan kracht. Dat is precies de verkeerde kant op.
Neem een rond of druppelvormig blad. Ruitvormige rackets hebben hun zoete plek hoog in het blad en zijn bedoeld voor spelers die al weten waar ze de bal raken. Rond geeft de grootste en meest vergevingsgezinde zoete plek, druppelvorm zit er tussenin en is voor de meeste tennissers de fijnste eerste keuze.
Neem zacht schuim. EVA soft of FOAM vangt meer trilling op en helpt je onderarm door de eerste maanden heen. Hard schuim geeft meer snelheid, maar je slaat toch al te hard.
Blijf onder de 365 gram. Zwaarder voelt in de winkel stevig aan en op de baan na een uur als een koekenpan. Bij twijfel het lichtere model.
Betaal niet te veel. Je slagtechniek verandert de komende maanden zo sterk dat het racket dat nu perfect voelt over een half jaar niet meer past. Honderd tot honderdvijftig euro is voor een eerste padelracket ruim voldoende.
Wil je dit uitgezocht hebben, dan brengt de keuzehulp je in twee minuten bij een model. Wil je liever eerst begrijpen waarom, lees dan de beginnersgids. En weet je al precies wat je zoekt, kijk dan bij de beste padelrackets van dit moment of in het merkenoverzicht, met aparte pagina's over Head en Babolat.
Wil je zelf rondkijken, dan zetten deze zoekpagina's het aanbod naast elkaar. Dat zijn affiliatelinks: koop je er iets, dan ontvangen wij mogelijk een kleine vergoeding van de winkel en betaal jij niets extra.
Veelgestelde vragen
Verder lezen
Weet je nu wat het verschil is? Dan zijn dit de logische volgende stappen.
Je eerste padelracket: doe de keuzehulp of lees de beginnersgids. Weet je al wat je zoekt, kijk dan bij de beste padelrackets van dit moment.
Merken naast elkaar: het merkenoverzicht zet ze op een rij, met uitgebreide pagina's over Head en Babolat.
Eerst de sport begrijpen: de padelregels leggen de baan, de service, het glas en de telling uit.
De rest van je tas: padelschoenen, padelballen en grips en overgrips.
Officiële bronnen: het officiële padelreglement van de internationale padelfederatie en de Rules of Tennis. Voor Nederland is nlpadel.nl het startpunt.
Wie wij zijn: lees over ons, bekijk onze affiliate disclosure en onze privacyverklaring.